1951 met nichtje Helene

       

 
Nederlands
Deutsch
English
Copyright
Contact
Print pagina

Biografie 

Rond 1980 Labberton werkend 

 

Labberton was een bescheiden, teruggetrokken, welhaast ascetische man, zeer belezen en goed op de hoogte van de kunstgeschiedenis en de kunst van zijn tijd. Hij beschouwde zich als een intellectueel. 
Met de schilderskist trok hij er op uit. Karakteristiek is een foto waarop hij aan een waterkant zit op een visserkrukje, kort jasje aan en een zonneklep, gebogen over het deksel van zijn schilderkist waarop een vel papier is bevestigd. 
De kist en enkele potjes liggen aan zijn voeten. 
Op een witte map ligt een paraplu.

Chris Rehorst     2004


Biografie 

6 juni 1904

geboren te Utrecht

1923-28

Academie van Beeldende Kunsten Den Haag

1929-30

Grande Chaumiere, Parijs. Vrije Academie,  Montparnasse

1930

Leert de 20 jaar oudere, abstracte Duitse  schilder Martin Reber  kennen

1931

Akademie für Bildende Kunste, Berlijn

1933-39 

verblijft regelmatig in Nederland en aan de Middellandse Zee

1939

mobilisatie in Nederland, keert terug uit Zuid- Frankrijk

1940

capitulatie, duikt onder

1940-87

lid Schilderkunstig Genootschap Pulchri Studio

1941-45

verblijf in de Vlist

1945

verblijf in Nijmegen

1946-47

in het Nederlandse leger in België

1947-87

maakt hij als beeldend kunstenaar talloze reizen door Europa en Noord-Afrika

1980

exposities in Frankrijk, Duitsland en Zwitserland

eerste expositie in Nederland bij Nova Spectra in Den Haag

1987

6 december overleden in Frankfurt am Main. 

Begraven op het Waldfriedhof  Niederrad

 

1932  Zelfportret studietijd 

Olieverf / hout

240 x 155 mm

Dit beeld, “De Kofferdrager" kwam ik een aantal jaren geleden tegen in een galerie in Gent, België. Het  gaf mij direct de associatie met mijn oom Anton. Mijn beeld van hem toen ik hem een keer tegenkwam op de Brediusweg, zoals hij in een lange afgedragen, grijze jas van het station in Naarden naar het huis van mijn ouders liep: twintig minuten flink doorstappen, en geen wielen onder de degelijke, ouderwetse koffers!  

Alleen de houten schilderskist, van ongeveer 100x70x4 cm en zeker 10 kg, met daarin de ‘oogst’ van dat jaar, ontbreekt. Dichtgebonden met touw, waaronder ook nog zijn schilderskrukje, en dat alles droeg hij met een leren riem om zijn schouder. Hij vertelde mij een keer dat hij er expres zo sjofel en armoedig uitzag, om onaantrekkelijk te zijn voor beroving.

Wat ik mij niet meer precies herinner is zijn tas die meestal over zijn andere schouder hing. Tot aan zijn overlijden,  83 jaar, op het station in Frankfurt, heeft hij zo gesjouwd. 

Hij kwam, tot grote ergernis van mijn moeder, altijd onaangekondigd. In uitzonderlijke gevallen heb ik hem zien telefoneren en taxi’s deed hij niet aan.

Hij leefde meestal in pensionkamers en zijn maaltijden maakte hij zelf klaar op een spiritusbrander in een soort conservenblikje, en met een mini campingpannenset.

De gesprekken tussen ons liepen stroef, ik probeerde wel eens wat, hij beantwoorde dat welwillend, maar hij gaf mij het gevoel dat ik in een andere wereld dan de zijne  leefde.”

  H. de Kat , neef. 2008